De voorzitter opent de zitting op 17/12/2025 om 20:30.
Er worden geen opmerkingen gemaakt over het verslag van de vorige zitting. De notulen worden als goedgekeurd beschouwd.
Het evaluatieverslag van de werking van W13 werd voorgelegd aan en goedgekeurd door de raad van bestuur van W13 op 21 november 2025 naar aanleiding van de nieuwe legislatuur 2026-2031.
Het evaluatieverslag bestaat uit:
- een inhoudelijke evaluatie van het meerjarenplan 2020-2025 op basis van de statuten, operationele doelstellingen en acties rond zorg, armoedebestrijding met energie, wonen en werk als thema’s, genetwerkt leren en een daadkrachtige en innoverende organisatie.
- een financiële evaluatie van 2020-2025.
Op basis van deze evaluatie werd in samenwerking met de deelgenoten een nieuw meerjarenplan met prioriteiten voor 2026-2031 opgemaakt.
Overeenkomstig artikel 492, 3e lid van het decreet lokaal bestuur moet elke welzijnsvereniging in de loop van het eerste jaar na de volledig vernieuwing van de raden voor maatschappelijk welzijn een evaluatieverslag voorleggen aan de raad voor maatschappelijk welzijn. Dit verslag omvat een evaluatie van de verzelfstandiging waarover de raad voor maatschappelijk welzijn zich binnen de drie maanden uitspreekt.
Wetgevend kader: decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder artikel 492;
Artikel 1
De raad voor maatschappelijk welzijn van Spiere-Helkijn keurt het evaluatieverslag van W13 goed.
Artikel 2
Een afschrift van de goedkeuring wordt bezorgd aan Laura Vanslembrouck, directeur W13 (laura.vanslembrouck@welzijn13.be).
Gelet op de samenwerkingsovereenkomst 2026-2031 tussen OCMW Spiere-Helkijn en vzw Poerderie: Deze verlengt de bestaande overeenkomst. Het lokaal bestuur belast de VZW met het uitvoeren van volgende dienst van algemeen economisch belang: handelt over klusjes, tuinonderhoud en vervoer van materiaal voor mensen met verminderde zelfredzaamheid (geattesteerd door het OCMW). Er is een kansentarief (10 EUR klant en 32 EUR lokaal bestuur/u = 42 EUR/u) en een klantentarief (21 EUR klant en 21 EUR lokaal bestuur/u = 42 EUR/u);
Gelet op het besluit van het Vast Bureau van 12/11/2025 om principieel goedkeuring te verlenen aan deze samenwerkingsovereenkomst;
Gelet op de betreffende artikelen van het Decreet lokaal bestuur van 22/12/2017;
Artikel 1
Er wordt goedkeuring verleend aan de samenwerkingsovereenkomst 2026-2031 tussen OCMW Spiere-Helkijn en vzw Poerderie.
Gemeente en OCMW krijgen elk middelen voor een nieuwe koopkrachtmaatregel voor het personeel in de klassieke VIA-sectoren. De gemeente krijgt jaarlijks om en bij 340 EUR, het OCMW ongeveer 290 EUR. Voor 31/01/26 moet een protocolakkoord worden afgesloten met minstens 1 vakbond.
Gezien de mogelijkheid om een officiële geschenkcheque van 40 EUR aan te bieden aan alle personeel als Nieuwjaarsgeschenk;
Gelet op het besluit van 21/10/2025 van het CBS en van het Vast Bureau om te opteren voor een jaarlijkse officiële geschenkcheque van 40 EUR als Nieuwjaarsgeschenk voor alle personeel;
Gelet op het Protocol van 04/11/2025 met de vakbonden om in de maand januari jaarlijks een officiële geschenkcheque van 40 EUR aan te bieden aan alle personeel als Nieuwjaarsgeschenk vanaf 2026;
Gelet op:
Artikel 1
De mogelijkheid om een officiële geschenkcheque van 40 EUR aan te bieden aan alle personeel als Nieuwjaarsgeschenk wordt toegevoegd aan de plaatselijke rechtspositieregeling met ingang van 01/01/2026.
Motivering
Overwegende dat voor het innen van niet-betaalde niet-fiscale vorderingen, een retributie kan gevraagd worden;
Overwegende dat deze retributie een redelijke vergoeding is en in verhouding staat tot de werkelijke kostprijs van de verleende prestatie;
Overwegende dat het veelvuldig opstellen van dergelijke aanmaningsbrieven doorweegt op de gemeentelijke administratie;
Overwegende dat het dan ook is aangewezen om deze kosten te verhalen op diegenen die de door hen verschuldigde sommen laattijdig betalen;
Gelet op de financiële toestand van de gemeente;
Bevoegdheid
Gelet op artikel 173 van de Grondwet;
Gelet op artikel 40, § 3; 41,14° en 177, 2° van het Decreet over het Lokaal Bestuur;
Artikel 1
Er wordt een retributie geheven voor de kosten verbonden aan de invordering van niet-fiscale vorderingen.
Artikel 2
Het gaat om vorderingen uit hoofde van opgelegde retributies, schadevergoedingen, vorderingen uit hoofde van een gerechtelijke uitvoerbare titel. Terugvorderingen van toegekende steun worden uitgesloten van bijkomende aanmaningskosten.
Indien de debiteur de onbetwiste vordering niet betaalt binnen de wettelijke bepaalde vervaltermijn, worden de hieronder bepaalde retributies aangerekend ingeval de in die artikelen vermelde acties worden ondernomen met het oog op de invordering van de schuld.
Artikel 3 kosten tweede en derde aanmaning en aanmaning na niet-naleving van een afbetalingsplan
Indien de debiteur niet betaalt binnen de termijn voorzien in de gratis eerste aanmaning, wordt
telkens een kost van 20,00€ aangerekend voor de verzending van een tweede en een derde
aanmaning.
Indien een debiteur een afbetalingsplan krijgt en dit vervolgens niet nakomt wordt hem een
aanmaning gestuurd. Voor deze aanmaning wordt een kost van € 20,00 aangerekend.
Artikel 4 grensoverschrijden invordering
Voor de grensoverschrijdende invordering van onbetaalde niet-fiscale vorderingen waarvoor het OCMW beroep doet op een derde, komt het bedrag van de retributie overeen met de incasso- en administratiekosten die de derde hiervoor aan het OCMW doorrekent, vermeerderd met 50,00€. De retributie is verschuldigd van zodra het dossier aan de derde wordt overgemaakt.
Artikel 5: opmaak dwangbevel
Wanneer de debiteur niet overgaat tot betaling van de volledige schuld, kosten en intresten
inbegrepen, kan de financieel directeur overgaan tot opmaak van een dwangbevel met het oog op
betekening door een gerechtsdeurwaarder.
Voor het aanmaken van dit dwangbevel dan wel het overmaken van een dossier aan de gerechts-deurwaarder, wordt een kost van 30,00€ aangerekend.
Artikel 6: gedwongen uitvoering
Indien na betekening van een dwangbevel de debiteur nog steeds in gebreke blijft, kan de financieel directeur volgende stappen nemen in gedwongen uitvoering en invordering. Hiervoor wordt telkens de overeenstemmende kost opgegeven.
Deze kost wordt aangerekend bovenop de eventuele gerechtskosten en gerechtsdeurwaarders-kosten en reële kosten die op grond van de wettelijke regelingen worden doorgerekend aan de debiteur.
1° derdenbeslag, het beslag wordt aangetekend aangekondigd nadat opzoekingen werden verricht
om een derde-schuldenaar van de debiteur te vinden en vervolgens overgemaakt aan de
gerechtsdeurwaarder: 50,00€
2° het nemen van een hypothecaire inschrijving indien de debiteur een onroerend goed bezit,
hieraan gaan uitgebreide opzoekingen vooraf: de effectief betaalde kost aan het kantoor
rechtszekerheid (nieuwe benaming hypotheekkantoor) wordt doorgerekend, vermeerderd met
50,00€ administratieve kosten per hypotheekinschrijving.
3° uitvoerend beslag op onroerend goed:
- administratieve en juridische procedurevoorbereiding (per onroerend goed): 1.750,00€.
Deze retributie is verschuldigd zodra de door het OCMW aangestelde deurwaarder aan de
debiteur een akte houdende het ‘bevel voorafgaand aan het uitvoerend beslag op onroerend
goed’ heeft betekend.
- administratieve en juridische procedurevoorbereiding aanstelling notaris: 1.250,00€. Deze
retributie is verschuldigd zodra het OCMW de dagvaarding daartoe betekent.
4° procedure uit onverdeeldheid treden al dan niet in combinatie met uitvoerend onroerend beslag:
ingeval er diverse mede-eigenaars samen met de debiteur zijn moet een procedure gevoerd worden om uit de onverdeeldheid te treden: 2.000,00€ van zodra het OCMW de dagvaarding daartoe aan de mede-eigenaars betekent, voor zover als gevolg daarvan de effectieve verdeling wordt opgelegd in een vonnis dat kracht van gewijsde heeft.
5° procedure tot aanstelling van een curator over een onbeheerde nalatenschap wanneer er geen
gekende erfgenamen zijn, maar wel een nalatenschap van waaruit een vordering kan voldaan
worden: 1.500,00€ van zodra het namens het OCMW opgemaakte verzoekschrift tot aanstelling van een curator werd neergelegd, voor zover dat verzoekschrift uitmondt in de effectieve aanstelling van een curator.
6° procedure van indeplaatsstelling (per onroerend goed): 1.000,00€. Deze retributie is
verschuldigd van zodra het namens het OCMW opgemaakte verzoekschrift om in de plaats te worden gesteld werd ingediend, voor zover het OCMW effectief in de plaats wordt gesteld van de beslagleggende schuldeiser die in gebreke bleef.
Artikel 7 inwerkingtreding
Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en vervangt het reglement goedgekeurd bij gemeenteraadsbeslissing dd. 16 december 2020 die door dit reglement worden opgeheven.
Gelet op het ontwerp WIJZIGING Meerjarenplan 2020 – 2025 'aanpassing kredieten 2025-2028';
Gelet op de bespreking ter zake;
Gelet op het Besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus;
Gelet op het Ministerieel Besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningenstelsels en de digitale rapportering van de beleids -en beheerscyclus;
Gelet op Omzendbrief KBBJ/ABB 2020/3 van 18/09/2020 betreffende de aanpassing van de meerjarenplannen 2020-2025 van de lokale en provinciale besturen volgens de beleids- en beheerscyclus;
Gelet op het Decreet Lokaal Bestuur van 22/12/2017 en meer bepaald artikel 249 tot 259;
Artikel 1
Om de WIJZIGING Meerjarenplan 2020 – 2025 'aanpassing kredieten 2025-2028', gedeelte OCMW vast te stellen met als resultaat:
IX. Beschikbaar budgettair resultaat
2020 2.002.612,00 €
2021 1.507.920,00
2022 2.178.544
2023 2.166.202
2024 1.429.439
2025 1.438.579
2026 1.431.401
2027 1.522.036
2028 1.614.459
IV. Autofinancieringsmarge
2020 466.883,00 €
2021 381.239,00
2022 74.140
2023 801.143
2024 419.285
2025 288.275
2026 49.067
2027 70.105
2028 71.482
Gelet op het geïntegreerd meerjarenplan 2026 - 2031;
Gelet op de bespreking ter zake;
Gelet op het Besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus;
Gelet op het Ministerieel Besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningenstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus;
Gelet op Omzendbrief KBBJ/ABB 2025/1 van 18/07/2025 betreffende de strategische meerjarenplannen 2026-2031 van de lokale en provinciale besturen volgens de beleids- en beheerscyclus;
Gelet op het Decreet Lokaal Bestuur van 22/12/2017 en meer bepaald artikel 249 tot 259;
Om het geïntegreerd meerjarenplan 2026 - 2031, OCMW gedeelte vast te stellen met als resultaat:
IX. Beschikbaar budgettair resultaat 2026 1.385.979,00 €
2027 1.724.829,00
2028 2.190.684,00
2029 2.610.889,00
2030 3.113.459,00
2031 3.715.004,00
III. Autofinancieringsmarge 2026 520.050,00 €
2027 506.765,00
2028 569.810,00
2029 570.950,00
2030 518.315,00
2031 642.290,00
De voorzitter sluit de zitting op 17/12/2025 om 20:50.
Namens OCMW-raad,
Tim Focquaert
Waarnemend Algemeen Directeur
Mathias Goos
Burgemeester - Voorzitter