Gelet op het huishoudelijk reglement betreffende grafconcessies zoals goedgekeurd op de gemeenteraad van 14/05/1981;
Gelet op de gemeentelijke verordening op de begraafplaatsen en de lijkbezorging op de gemeenteraad van 14/05/1981;
Overwegende dat een actualisatie zich opdringt om huidige en toekomstige aanvragen en situaties op de gemeentelijke begraafplaatsen te regelen;
Gelet op:
Het decreet op de begraafplaatsen en de lijkbezorging van 16/01/2004, zoals tot op heden gewijzigd, art. 4;
Omzendbrief BA-2006/03 van 10/03/2004 betreffende de toepassing van het decreet van 16/01/2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging en de uitvoeringsbesluiten, zoals tot op heden gewijzigd;
Het besluit van de Vlaamse regering van 14/05/2004 tot organisatie, inrichting en beheer van de begraafplaatsen en crematoria;
Artikel 40 §3 van het decreet lokaal bestuur;
Om goedkeuring te verlenen aan volgend huishoudelijk reglement op de gemeentelijke begraafplaatsen van Spiere-Helkijn:
Art.1. Er zijn 3 gemeentelijke begraafplaatsen, met name
- Spiere Nieuw Centrum
- Spiere kerk
- Helkijn kerk
Art.2. Op de gemeentelijke begraafplaatsen worden grafconcessies verleend. Deze kunnen betrekking hebben op een nis in het columbarium, een graf of een urnenkelder.
Art.3. De concessies worden nominatief toegekend voor max. 3 personen, en voor een termijn van 30 jaar per persoon, die telkens aanvangt op de datum van de begraving. Het volledige tarief van de concessie wordt, op het ogenblik van de aanvraag tot concessie en volgens de voorwaarden opgenomen in het tariefreglement, onmiddellijk betaald.
Hernieuwing van de concessie, naar aanleiding van een bijbegraving.
Naar aanleiding van elke bijbegraving in het geconcedeerd perceel, wordt de concessie ambtshalve verleend voor een termijn van 30 jaar, vanaf de datum van begraving en wordt de concessie van de reeds begraven perso(o)n(en) ambtshalve hernieuwd tot dezelfde vervaldatum, toegekend voor dit perceel.
Hernieuwing van de concessie zonder bijbegraving
Op schriftelijk verzoek en voor het verstrijken van de oorspronkelijk toegekende concessietermijn, kan de concessie hernieuwd worden met een termijn van 30 jaar, die aanvangt op de datum van de aanvraag tot hernieuwing. Het tarief van de hernieuwing van de concessie wordt, op het ogenblik van het indienen van de aanvraag tot hernieuwing en volgens de voorwaarden opgenomen in het tariefreglement , onmiddellijk betaald.
Art.4. De grafconcessies zijn onoverdraagbaar.
COLUMBARIUM
Art.5. Aan de voorkant van de columbariumnis moet een afdekplaat aangebracht worden. De aankoop, afhalen, graveren en de plaatsing ervan dient te gebeuren door de begrafenisondernemer of de aangestelde van de familie. Deze afdekplaat kan aangekocht worden bij de gemeente. Men mag ook elders een afdekplaat aankopen mits deze identiek is qua afmetingen en dikte als deze van de gemeente. Lettertype kan vrij gekozen worden.
Art.6. In het columbarium mogen maximum 2 urnen bijgezet worden.
Art.7. De concessies voor bijzetting in een columbarium worden enkel verleend voor een duur van 30 jaar.
URNENVELD
Art.8. De percelen geconcedeerd voor het begraven in een urnenkelder hebben een eenvormige oppervlakte van 60 cm op 60 cm waar 2 urnen mogen begraven worden.
Art.9. Om de uniformiteit van dit urnenveld te bewaren mogen op deze platen geen monumentjes geplaatst worden. De afdekplaten worden afgehaald, gegraveerd en geplaatst door de begrafenisondernemer. Lettertype is vrij te kiezen.
Art.10. De concessies voor begraving in een urnenveld worden enkel verleend per persoon voor een duur van 30 jaar.
Art.11. De thuisbewaring van een reeds geplaatste asurne uit het columbarium of uit een perceel van het urnenveld moet schriftelijk aangevraagd worden en wordt beperkt tot één aanvraag per asurne.
STROOIWEIDE
Art.12. Bij de strooiweide van Spiere (Nieuw Centrum) en Helkijn wordt op een door het College van Burgemeester en Schepenen bepaalde plaats een herdenkingszuil opgericht voor de op deze weide uitgestrooide overledenen. Iedere belanghebbende kan een aanvraag doen tot het aanbrengen van een naamplaatje op deze herdenkingszuil. Daarvoor zal een retributie verschuldigd zijn, vastgelegd in het retributiereglement van de gemeente.
Art.13. Er geldt een algemeen verbod om bloemstukken en/of andere aandenkens te plaatsen op de strooiweide. De enige uitzonderingen hierop betreffen:
- De eerste maand na de begrafenis;
- De week vóór en de vier weken na Allerheiligen
Bloemstukken en andere aandenkens die toch worden geplaatst zullen ambtshalve worden verwijderd.
BEGRAVING IN EEN GRAF
Art.14. De concessies voor begraving in volle grond worden verleend voor een duur van 30 jaar.
Art.15. De concessies voor begraving in een bestaande grafkelder worden verleend voor een duur van 30 jaar.
Art.16. Een niet-geconcedeerd graf moet minstens 10 jaar bewaard worden. Wanneer niet geconcedeerde gronden moeten worden ontruimd, dan zal een afschrift van de beslissing tot ontruiming gedurende een jaar voor het vervallen van de begravingstermijn bekendgemaakt worden aan de ingang van de begraafplaats en aan het betrokken graf of het te ontruimen perceel. De belanghebbenden zullen beschikken over een termijn van 1 jaar om de graftekens weg te nemen. Na die termijn worden zij van ambtswege verwijderd en worden ze eigendom van de gemeente. Het college van burgemeester en schepenen beslist over de bestemming van deze materialen.
Art.17. Bij niet geconcedeerde begraving in volle grond kan er na de periode van 10 jaar voor geopteerd worden om toch een concessie te nemen, ten laste van de aanvrager.
Afmetingen
Art.18. De percelen geconcedeerd voor het begraven in volle grond hebben een éénvormige oppervlakte van :
- tussen 190cm en 200 cm lengte
- tussen 90cm en 100 cm breedte
Hierin kunnen maximum 3 stoffelijke overschotten begraven worden waarvan de laatste dient bijgezet te worden in een urne.
Art.19. Op het oude kerkhof van Spiere worden enkel bijzetting in de bestaande concessies toegelaten
Art.20. De percelen geconcedeerd voor het begraven in een bestaande grafkelder hebben een eenvormige oppervlakte van
- tussen 190cm en 200 cm lengte
- tussen 90cm en 100 cm breedte
Hierin kunnen maximum 3 stoffelijke overschotten begraven worden waarvan de laatste dient bijgezet te worden in een urne.
Art.21. De percelen niet geconcedeerd voor het begraven in volle grond hebben een éénvormige oppervlakte van :
- tussen 190cm en 200 cm lengte
- tussen 90cm en 100 cm breedte
in een niet geconcedeerde graf worden de stoffelijke resten van 1 lichaam begraven en worden enkel verleend aan inwoners.
Art.22 Nieuwe begraafplaatsen worden ingenomen aansluitend op de reeds ingenomen percelen.
Art.23. In geval van sluiting van een begraafplaats, kan een concessiehouder geen aanspraak maken op enige vergoeding en heeft hij slechts recht op het kosteloos bekomen van een perceel van dezelfde oppervlakte op de nieuwe begraafplaats.
ORDEMAATREGELEN VOOR BEGRAAFPLAATSEN
Art.24. De ter aarde bestelling, bijzetting of uitstrooiing van stoffelijke overschotten is mogelijk van maandag tot donderdag tussen 8u30 en 16u30, vrijdag tussen 8u30 en 12u en zaterdag tussen 8u30 en 13u; uitgezonderd op wettelijke, reglementaire en plaatselijke feestdagen zoals jaarlijks vastgelegd. Voor de plaats en het tijdstip moeten de betrokkenen zich schikken naar de beslissingen van de Burgemeester of zijn afgevaardigde.
Art.25. De gemeentelijke begraafplaatsen zijn voor het publiek toegankelijk van zonsopgang tot zonsondergang, behoudens afwijking, door de Burgemeester vastgesteld.
Art.26.
Op de begraafplaatsen is het verboden:
1° de muren en omheiningen van de begraafplaatsen, evenals de omheiningen van de graven, grafstenen en gedenkstenen te beklimmen;
2° de graven, de strooiweide, de gras- en bloemperken te betreden;
3° afval, papier en andere voorwerpen weg te werpen binnen de omheining van de begraafplaats;
4° te bedelen, geld in te zamelen, gelijk welke voorwerpen uit te stallen of te verkopen of zijn diensten aan te bieden;
5° elke aanplakking of reclame aan te brengen, welke niet is voorzien in de wet van 20/07/1971 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging;
6° zonder toelating van een grafbewaker om het even welk voorwerp dat zich op de begraafplaats bevindt, weg te nemen of te verplaatsen met uitzondering van de voorwerpen op de graven van nabestaanden;
7° zich zodanig te gedragen dat men anderen stoort of beledigt, of op een wijze die onverenigbaar is met de rust en de waardigheid van de plaats of met de eerbied die aan de doden is verschuldigd.
Art.27. Eén jaar voor het verstrijken van de concessie maakt de Burgemeester of zijn gemachtigde een akte op waarbij herinnerd wordt dat een aanvraag om een verlenging van een concessie bij hem moet toekomen indien men het graf verder wenst te behouden.
Aan de nabestaanden zal kennis worden gegeven door:
- Aanplakking van een bericht aan de ingangen van de begraafplaats
- Aanplakking van datzelfde bericht aan het betrokken grafteken. Indien mogelijk zal de concessiehouder of een familielid schriftelijk worden verwittigd.
De nabestaanden zullen, te rekenen vanaf de datum van de bekendmaking bedoeld in de vorige alinea, beschikken over een termijn van 1 jaar om de boven vernoemde aanvraag in te dienen. Na het verstrijken van deze termijn en indien niet werd overgegaan tot verlenging, beschikken de familieleden of aanverwanten over een periode van 3 maanden om de graftekens weg te nemen van de betrokken percelen. Indien de graftekens na deze periode nog steeds aanwezig zijn, worden zij van ambtswege verwijderd en worden ze eigendom van de gemeente. Het College van Burgemeester en Schepenen beslist over de bestemming van deze materialen. Indien er geen aanvraag tot verlenging van de concessie is ingediend vóór de vervaldatum, vervalt de concessie. Na het vervallen van de concessie wordt er geen bijbegraving meer toegestaan.
Op schriftelijk verzoek en vóór het verstrijken van de oorspronkelijk toegekende concessietermijn, kan de concessie hernieuwd worden met een termijn van 30 jaar, die aanvangt op de datum van de aanvraag tot hernieuwing. Het tarief van de hernieuwing van de concessie wordt, op het ogenblik van het indienen van de aanvraag tot hernieuwing en volgens de voorwaarden opgenomen in het tariefreglement, onmiddellijk betaald.
Art.28. De Gemeente staat niet in voor de bewaking van de op de graven geplaatste voorwerpen.
Art 29. Er kan geen aanspraak gemaakt worden op een vergoeding van het gemeentebestuur wegens beschadiging aan grafstenen, -tekens of -monumenten die het gevolg zijn van omstandigheden buiten de wil van het bestuur of haar personeel, noch voor schade die het gevolg is van weersomstandigheden.
Art.30. Er geldt een algemeen verbod om bloemstukken en/of andere aandenkens te plaatsen op paden, grasstroken en plantvakken die niet behoren tot het perceel waar de grafconcessie is verleend. De enige uitzonderingen hierop betreffen:
- De eerste maand na de begrafenis;
- De week vóór en de vier weken na Allerheiligen
Bloemstukken en andere aandenkens die toch worden geplaatst, zullen ambtshalve worden verwijderd.
Art.31. Op een geconcedeerde grond moet binnen de 6 maanden na aanvang van de concessie aanwezig zijn: een grafzerk waarop aangebracht worden: de naam, de voornaam en de datum of het jaartal van geboorte en overlijden van de aldaar begraven personen. Ingeval van bijbegraving moet de grafzerk terug geplaatst worden binnen een termijn van 3 maanden volgend op de begrafenis. Het plaatsen van de grafzerk gebeurt na afspraak met de bevoegde gemeentedienst en dit op werkdagen tussen 9u en 16u en volgens de aanwijzingen van de gemeentediensten.
Art.32. Het onderhoud van de graven rust op de nabestaanden. Verwaarlozing opleverend onderhoudsverzuim staat vast als het graf doorlopend onzindelijk, door plantengroei overwoekerd, vervallen, ingestort of bouwvallig is. De verwaarlozing wordt vastgesteld in een akte van de Burgemeester of diens gemachtigde. Deze akte blijft een jaar bij het graf en aan de ingang van de begraafplaats aangeplakt. Indien het graf na het verstrijken van die termijn niet in ordentelijke staat hersteld is, beveelt de Burgemeester ambtshalve afbraak of wegneming der materialen op kosten van de in gebreke blijvende familie.
Art.33. Eenzelfde concessie kan aangevraagd worden voor de aanvrager, zijn echtgenoot en zijn bloed- of aanverwanten of voor een derde en dat van diens familie. Bij aanvraag dient een juiste aanduiding van de personen opgegeven te worden voor wie de concessie is bestemd. Deze beslissing kan alleen door de aanvrager worden herzien mits een aangetekend schrijven te richten aan het College van Burgemeester en Schepenen.
Art.34. Het College van Burgemeester en Schepenen wordt gemachtigd om de concessies te verlenen conform de tarieven voorzien in het tariefreglement betreffende de gemeentelijke begraafplaatsen, dat door de gemeenteraad wordt vastgesteld. Als de beslissing gunstig is, neemt de duur van de concessie een aanvang op de datum van de collegebeslissing. Tevens wordt het College van Burgemeester en Schepenen gemachtigd om de concessies te beëindigen bij toepassing van een procedure van verwaarlozing.
Het verwijderen van het graf mag niet tot gevolg hebben dat het stoffelijk overschot gedurende minder dan 10 jaar begraven of bijgezet blijft.
Art.35. Alle niet in dit reglement voorziene gevallen worden beoordeeld door het College van Burgemeester en Schepenen, indien zij niet door een wet, besluit of decreet door een andere overheid werden geregeld.
Art.36. Dit huishoudelijk reglement betreffende de gemeentelijke begraafplaatsen vervangt alle vorige reglementeringen en beslissingen en gaat in op 01/01/2024. Het huishoudelijk reglement betreffende grafconcessies zoals goedgekeurd op de gemeenteraad van 14/05/1981 wordt opgeheven vanaf 01/01/2024. De gemeentelijke verordening op de begraafplaatsen en de lijkbezorging op de gemeenteraad van 14/05/1981 wordt opgeheven vanaf 01/01/2024.